U bent hier: Home » Leden » Huishoudelijk reglement

Huishoudelijk reglement

Huishoudelijk reglement

Dit Huishoudelijk Reglement is vastgesteld door het bestuur van de Stichting Assurantie Registratie op 15 maart 2006


DEFINITIES
Artikel 1
In dit reglement wordt verstaan onder:
a. SAR: de Stichting Assurantie Registratie, die conform haar statuten tot doel heeft het
instandhouden en bevorderen van de vakbekwaamheid en integriteit op het gebied van
financiële dienstverlening en dit onder meer tracht te bereiken door het opzetten en
instandhouden van registers waarin natuurlijke personen die voldoen aan de door de Stichting
gestelde voorwaarden kunnen worden ingeschreven.
b. RAiA-subbestuur: een door de SAR ingesteld subbestuur ten behoeve van het beheer van het
register van de Registeradviseur in Assurantiën.
c. Register: een door het RAiA-subbestuur bijgehouden register voor natuurlijke personen en
bedrijven.
d. Entreegeld: een éénmalig bedrag dat jaarlijks door het RAiA-subbestuur wordt vastgesteld en
verschuldigd is bij inschrijving in de erkenningsregeling Registeradviseur in Assurantiën.
e. Jaarlijkse bijdrage: een jaarlijks door het RAiA-subbestuur vast te stellen bedrag dat
verschuldigd
f. Verklaring van goed gedrag: een door het ministerie van Justitie afgegeven verklaring
omtrent het gedrag van natuurlijke personen, verkrijgbaar bij de gemeente waar de natuurlijk
persoon woonachtig is, die niet ouder is dan één kalenderjaar
g. Wfd: de Wet financiële dienstverlening.

DOEL
Artikel 2
1. Het RAiA-subbestuur stelt zich ten doel de kwaliteit van de dienstverlening van de
Registeradviseur in Assurantiën transparanter te maken en de consument een garantie voor
deskundigheid en betrouwbaarheid te bieden.
2a. Het RAiA-subbestuur tracht dit doel te bereiken door het opzetten en instandhouden van een
erkenningsregeling door middel van het voeren van registers voor Registeradviseurs in
Assurantiën waarin natuurlijke personen en bedrijven die aan de door het SAR-bestuur
vastgestelde deskundigheids- en integriteiteisen voldoen, op verzoek kunnen worden
ingeschreven.
2b. Bedrijven waarvan de helft of meer dan de helft van de leidinggevenden
(directeur/grootaandeelhouder) ingeschreven staat ingeschreven staat in het Register voor
Personen, kunnen worden ingeschreven in het Register voor Bedrijven.

BESTUUR
Artikel 3
1. De leden van het RAiA-subbestuur worden benoemd en ontslagen door het SAR-bestuur.
2. Een door het SAR-bestuur aan te wijzen lid van het SAR-bestuur zal optreden als voorzitter
van het RAiA-subbestuur. De voorzitter van het subbestuur heeft derhalve een qualitate qua
zetel in het SAR-bestuur.
3. Tot leden van het RAiA-subbestuur kunnen alleen worden benoemd:
a. een lid van het SAR-bestuur;
b. een natuurlijke persoon die ingeschreven staat in het Register.
4. Het SAR-bestuur kan in afwijking van het in het vorige bepaalde, onder uitdrukkelijke
vermelding van de betreffende reden(en) besluiten tot benoeming van één of meer andere
personen tot lid van het RAiA-subbestuur.


Artikel 4
1. Het RAiA-subbestuur bestaat uit een door het SAR-bestuur vast te stellen aantal van
tenminste drie personen..
2. Subbestuurders worden benoemd door het SAR-bestuur. In ontstane vacatures wordt zo
spoedig mogelijk voorzien, doch in ieder geval binnen drie maanden.
3. De benoeming van de leden van het RAiA-subbestuur geschiedt voor een periode van 3 jaar,
tenzij in het betreffende benoemingsbesluit een andere tijd is vastgesteld. Een RAiAsubbestuurder
is aansluitend ten hoogste eenmaal herbenoembaar.
4. Bij ontstentenis of belet van een RAiA-subbestuurder zijn de overige RAiA-subbestuurders
met het bestuur belast. Indien één of meer bestuurders ontbreken, vormen de overgebleven
RAiA-subbestuurders een bevoegd bestuur.
5. Een RAiA-subbestuurder defungeert:
a. door zijn overlijden;
b. door zijn aftreden;
c. door zijn ontslag door het SAR-bestuur;
d. door het verstrijken van de tijd waarvoor hij is benoemd.


BESLUITVORMING
Artikel 5
1. RAiA-subbestuurvergaderingen worden gehouden zo dikwijls de voorzitter of tenminste twee
van de overige subbestuurders zulks wensen, doch tenminste eenmaal per 6 maanden.
2. De bijeenroeping van een bestuursvergadering geschiedt schriftelijk door de voorzitter of
tenminste twee van de overige RAiA-subbestuurders, danwel namens deze(n) door de
ambtelijk secretaris, onder opgaaf van de te behandelen onderwerpen en op een termijn van
tenminste 7 werkdagen, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet
meegerekend.
3. Indien voorgaande voorwaarden niet in acht zijn genomen, of onderwerpen worden
besproken die niet bij de oproeping zijn aangekondigd, is besluitvorming niettemin mogelijk,
mits ter vergadering alle in functie zijn RAiA-subbestuurders aanwezig of vertegenwoordigd
zijn.
4. RAiA-subbestuurvergaderingen worden gehouden ter plaatse te bepalen door degene die de
vergadering bijeenroept.
5. Toegang tot de vergadering van het RAiA-subbestuur hebben de RAiA-subbestuurders,
alsmede zij die door de ter vergadering aanwezige bestuurders worden toegelaten.
6. Iedere RAiA-subbestuurder heeft één stem. Alle RAiA-subbestuur besluiten worden genomen
met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
7. De vergaderingen van het RAiA-subbestuur worden geleid door de voorzitter. Bij zijn
afwezigheid voorziet de vergadering zelf in haar leiding.
8. Van het behandelde ter vergadering worden door de secretaris of door een door deze onder
zijn verantwoordelijkheid en met instemming van het RAiA-subbestuur aangewezen persoon
notulen opgemaakt. De notulen worden vastgesteld door het RAiA-subbestuur en ten blijke
daarvan door de voorzitter en secretaris van de desbetreffende vergadering ondertekend. De
vastgestelde notulen zijn ter inzage voor alle RAiA-subbestuurders.
9. Het RAiA-subbestuur kan ook buiten de vergadering (schriftelijk) besluiten, mits alle
bestuurders zich schriftelijk omtrent het desbetreffende voorstel hebben uitgesproken,
waaronder begrepen per elektronische gegevensdrager. Van een besluit buiten vergadering
wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de ambtelijk secretaris een relaas
opgemaakt, dat na mede-ondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.


COMMISSIES
Artikel 6
1. Het SAR-bestuur kan commissies benoemen. Deze worden ingesteld en ontbonden door het
SAR-bestuur. De leden van deze commissies worden benoemd en ontslagen door het SARbestuur.
2. De door het SAR-bestuur benoemde commissies worden vermeld op de website www.raia.nl.
Deze vermelding omvat tevens een toelichting op de activiteiten van deze commissies.


INRICHTING VAN HET REGISTER
Artikel 7
1. Het RAiA-subbestuur houdt een doorlopend register bij, te weten een register voor natuurlijke
personen, hierna genoemd Register voor Personen en een bedrijvenregister, hierna genoemd
Register voor Bedrijven.
2. Het Register voor Personen bevat de volgende gegevens van de ingeschrevenen:
- Naam, voorletter, titel;
- Geboortedatum;
- Woonplaats, adres, telefoonnummer, faxnummer en e-mailadres;
- Datum van registratie;
- Registratienummer.
3. Het Register voor Bedrijven bevat de volgende gegevens van de ingeschrevenen:
- Volledige naam van het bedrijf;
- Rechtsvorm van het bedrijf;
- Woonplaats, adres, telefoonnummer, faxnummer en e-mailadres;
- Inschrijvingsnummer bij de Kamer van Koophandel;
- Vergunningnummer van de Autoriteit Financiële Markten;
- Datum van registratie;
- Registratienummer.
4. De registers worden, afgestemd op de familienaam dan wel de bedrijfsnaam, alfabetisch
ingericht.
5. Alle schriftelijke stukken die er toe hebben geleid dat een persoon wordt ingeschreven in het
register, worden in een eigen afzonderlijk dossier gearchiveerd.
6. De stukken van de personen waarvan de inschrijving in het register is afgewezen, worden drie
jaar bewaard vanaf de datum van afwijzing. Tenzij de persoon verzoekt de stukken te
retourneren.
7. Na inschrijving in het register heeft de ingeschrevene het recht om de titel Registeradviseur in
Assurantiën en het bijbehorende logo te voeren. De ingeschrevenen in het Register voor
Bedrijven hebben het recht om de titel RAiA, Registeradviseurs in Assurantiën en het
bijbehorende logo te voeren.
8. Elke wijziging van de in het tweede lid en derde lid opgesomde gegevens wordt zo spoedig
mogelijk doch in ieder geval binnen één maand in het register en in het eigen dossier van de
ingeschrevene verwerkt.
9. De titel Registeradviseur in Assurantiën en het bijbehorende logo zijn gedeponeerd bij het
Benelux Merkenbureau en worden dus beschermd tegen oneigenlijk gebruik.


OPENBAARMAKING VAN HET REGISTER
Artikel 8
1. Het RAiA-subbestuur verstrekt inlichtingen aan iedere belanghebbende omtrent al dan niet
ingeschreven staan in het register.
2. Het register wordt gepubliceerd op de website www.raia.nl. Deze publicatie wordt elk
kwartaal geactualiseerd.


VEREISTEN VOOR INSCHRIJVING
Artikel 9
1. Een ieder die inschrijving verlangt in het register kan een aanvraagformulier, een exemplaar
van de Gedragscode, het Huishoudelijk Reglement en een opgave van het entreegeld en de
jaarlijkse bijdrage bij het secretariaat of via de website opvragen.
2. De natuurlijke personen kunnen in het register worden ingeschreven indien zij:
a. in het bezit van het diploma Assurantiebemiddeling A.
b. actief zijn in de onafhankelijke assurantiebemiddeling, waartoe een verklaring van
vrijheid in advies dient te worden ingevuld.
c. drie jaar relevante en ononderbroken werkervaring in de assurantiebemiddeling in
de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek tot inschrijving.
d. een verklaring van goed gedrag kunnen overleggen.
e. bekend staan als een persoon te goeder naam en faam.
f. de Gedragscode Registeradviseur in Assurantiën onderschrijven
g. werkzaam zijn in een bedrijf dat een vergunning heeft aangevraagd als adviseur of
bemiddelaar in assurantiën en valt onder de overgangsregeling van de Wfd, dan
wel in het bezit is van een vergunning als adviseur of bemiddelaar van assurantiën.
h. bovendien moet het bedrijf waarin de aanvrager actief is, beschikken over een
adequate beroepsaansprakelijkheidsverzekering met een minimale verzekerde som
van € 1.250.000 per schadegeval en in totaal minimaal € 1.250.000 per jaar voor
alle schadegevallen gezamenlijk.
3. Voor handhaving van de inschrijving in het register is het een vereiste dat de ingeschrevene
zich verplicht permanente educatie te volgen, waarin kennis en kunde actueel worden
gehouden. Tevens dient de ingeschrevene te blijven voldoen aan de eisen zoals deze gesteld
zijn in het tweede lid van dit artikel onder a tot en met h en artikel 12 van dit reglement.
4. Bedrijven waarvan de helft of meer van de leidinggevenden (directeur/grootaandeelhouder)
ingeschreven staat in het Register voor Personen, kunnen worden ingeschreven in het
Register voor Bedrijven.


INSCHRIJVINGSPROCEDURE
Artikel 10
1. Een inschrijving in het register vindt plaats onder de verantwoordelijkheid van het RAiAsubbestuur.
2. Indien besloten wordt om de aanvrager in het register in te schrijven dan wordt deze hiervan
op de hoogte gesteld met de uitnodiging het verschuldigde entreegeld en de jaarlijkse bijdrage
te voldoen.
3. Zodra het entreegeld en de eerste jaarlijkse bijdrage zijn ontvangen wordt de betrokkene
ingeschreven in het register en in kennis gesteld van de datum van zijn inschrijving en zijn
registratienummer.
4. Indien besloten wordt om de aanvrager niet in het register in te schrijven dan wordt deze
hiervan schriftelijk in kennis gesteld, onder opgave van redenen.

UITSCHRIJVINGSPROCEDURE
Artikel 11
1. Uitschrijving uit het register vindt plaats om de volgende redenen:
- De ingeschrevene niet voldoet aan de jaarlijkse verplichting tot permanente
educatie;
- De ingeschrevene zelf vraagt om uitschrijving;
- Niet wordt voldaan aan de eisen in artikel 12;
- De ingeschrevene heeft opgehouden te voldoen aan de eisen zoals gesteld in dit
Huishoudelijk Reglement en/of in andere reglementen en/of de Gedragscode..
2. Als het RAiA-subbestuur van oordeel is dat een ingeschrevene handelt in strijd met de
Statuten van de Stichting Assurantie Registratie, dit Huishoudelijk Reglement en/of de
Gedragscode dan kan het RAiA-subbestuur besluiten tot uitschrijving van de betrokkene.
3. Op een besluit van het RAiA-subbestuur, zoals bedoeld in het tweede lid, zijn de leden 2,3 en
4 van artikel 14 van overeenkomstige toepassing.
4. Er vindt nimmer restitutie plaats van inschrijfgeld en/of de jaarlijkse bijdrage.
5. Indien uitschrijving uit het register plaatsvindt vóór 1 december van een kalenderjaar, dan is
geen inschrijfgeld en/of jaarlijkse bijdrage meer verschuldigd over het daaropvolgende
kalenderjaar.


ENTREEGELD EN JAARLIJKSE BIJDRAGE
Artikel 12
1. In de maand november stelt het RAiA-subbestuur voor het komende kalenderjaar, de hoogte
van het entreegeld, de jaarlijkse bijdrage en de kosten van zowel de entree- als periodieke
toets vast.
2. De jaarlijkse bijdrage dient uiterlijk op 1 maart van het betreffende kalenderjaar te zijn
voldaan.
3. Indien de jaarlijkse bijdrage niet tijdig is ontvangen, wordt nog eenmaal een herinnering met
het verzoek de verschuldigde bedragen alsnog binnen twee weken te voldoen.
4. Blijft ook dan betaling achterwege, dan volgt tijdelijke uitschrijving uit het register.
5. Wordt in de loop van het kalenderjaar waarin tijdelijke uitschrijving heeft plaatsgevonden
alsnog de volledige jaarlijkse bijdrage betaald, dan wordt opnieuw ingeschreven.
6. Wordt in de loop van het kalenderjaar waarin tijdelijke uitschrijving heeft plaatsgevonden de
volledige jaarlijkse bijdrage niet betaald, dan vindt na afloop van dat jaar definitieve
uitschrijving plaats.

KLACHTEN
Artikel 13
1. Een ingeschrevene of een derde kan een klacht indienen tegen een andere ingeschrevene,
indien deze handelt in strijd met de Statuten van de Stichting Assurantie Registratie, dit
Huishoudelijk Reglement en/of de Gedragscode RAiA
2. Het RAiA-subbestuur zal over deze klacht binnen drie maanden na ontvangst uitspraak doen.
Hiertoe zal zij een commissie benoemen die zal bestaan uit één lid uit haar midden, één
geregistreerde Registeradviseur in Assurantiën en een onafhankelijk voorzitter.


SANCTIES
Artikel 14
1. Het RAiA-subbestuur kan, onverminderd het bepaalde in artikel 10, jegens een
ingeschrevene, die handelt in strijd met de belangen van het register besluiten de volgende
sancties op te leggen:
a. Het geven van een berisping.
b. Het schorsen van de inschrijving.
2. Het besluit tot het opleggen van een sanctie wordt terstond medegedeeld aan de
ingeschrevene.
3. Binnen 30 dagen na dagtekening van een bezwaar zoals bedoeld in het tweede lid, kan de
ingeschrevene daartegen bezwaar maken.
4. Binnen 3 maanden na dagtekening van een bezwaar zoals bedoeld in het derde lid, zal het
RAiA-subbestuur uitspraak doen op dit bezwaar. Daartoe zal zij een commissie benoemen die
zal bestaan uit één lid uit haar midden, één Registeradviseur in Assurantiën en een
onafhankelijk voorzitter.


WIJZIGING HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Artikel 15
1. Wijzigingen in dit Huishoudelijk Reglement komen tot stand met inachtneming van het
bepaalde in artikel 11, lid 1 en 2 van de Statuten van de Stichting Assurantie Registratie.
2. In de gevallen waarin dit Huishoudelijk Reglement niet voorziet beslist het RAiA-subbestuur.

logo rv productions Website ontwerp RV Productions © 2011. Alle rechten voorbehouden | Disclaimer